Verslaving

Verslaving kan bestaan uit een verslaving aan een gewoonte, gebruik of handeling, of aan een middel.
Verslaving is een toestand waarin een persoon fysiek en/of mentaal van een gewoonte afhankelijk is. Zodanig dat hij/zij deze gewoonte niet, of heel moeilijk los kan laten.

Het gedrag van de persoon is voornamelijk gericht op het verkrijgen en innemen van een middel, of het handelen naar de gewoonte. Dit gaat ten koste van de meeste andere activiteiten. Als het lichaam deze stof of gewoonte dan moet loslaten kunnen er ernstige ontwenningsverschijnselen optreden bij deze persoon.

Zodra het uw dagelijkse leven gaat beïnvloeden of zelfs beheersen, is het tijd om er iets aan te doen. En er is veel mogelijk. Therapie-advies zoekt voor u de best passende hulp om op een doeltreffende manier van uw verslaving af te komen.
Laat verslaving uw leven niet langer beheersen en zet de eerste stap: maak een afspraak

Meer informatie over verslaving

Gewoonteverslaving

Een gewoonteverslaving is een verslaving aan een handeling die voor een persoon van belang is om zich goed te voelen of een kick te krijgen. Enkele voorbeelden van een verslaving aan een handeling of gewoonte:
•Gokverslaving
•Chatverslaving
• Eetverslaving
•Internetverslaving
•Gameverslaving
•Seksverslaving
•Workaholisme

Middelenverslaving

Een middelenverslaving is een verslaving die in stand gehouden wordt door het gebruik van een middel of substantie, die op zichzelf verslavend is doordat het een directe werking in de hersenen heeft. Dit noemt men een psychoactief middel of drug. Er bestaan grof gezien 3 verschillende categorieën psychoactieve middelen, namelijk:
De stimulerende middelen als amfetamine, cocaïne en nicotine
De verdovende middelen, bijvoorbeeld alcohol en opium
en verder bestaan er nog bewustzijnsveranderende of in de volksmond geestveruimende middelen, bijvoorbeeld THC (de werkzame stof in marihuana) of LSD.

Verslavende medicijnen vallen vaak onder de stimulerende middelen (bijvoorbeeld Ritalin), of de verdovende middelen (bijvoorbeeld valium). Bewustzijnsveranderende middelen zijn (behalve wiet) vrijwel nooit erg verslavend. De meest verspreide verslavingen zijn die aan alcohol en sigaretten: andere zeer verslavende middelen zijn heroïne, cocaïne, GHB en amfetamine.

Binnen de verslaving aan een stof wordt er ook gesproken over een lichamelijke en geestelijke verslaving.

Lichamelijk verslaafd

Een lichamelijke verslaving houdt in dat het menselijk lichaam gewend is geraakt aan de stof die intensief gebruikt wordt, en zich aangepast heeft aan die stof. Wordt er in zo’n geval gestaakt met het gebruiken van die stof, dan ontstaan er ziekteverschijnselen zoals koorts, slapeloosheid en braken. Dit noemt men onthoudingsverschijnselen. Het steeds meer nodig hebben van een verslavende stof om hetzelfde effect te bereiken noemt men tolerantie, wat vrijwel altijd voorkomt bij een verslaving.

Geestelijk verslaafd

Geestelijke verslaving betekent dat iemand een stof denkt nodig te hebben of denkt lekker te vinden en niet meer zonder kan. Deze vorm van verslaving is persoonsgebonden, omdat verschillende mensen verschillende dingen ‘lekker’ vinden. Bij geestelijke verslaving kan iemand zodanig naar een stof verlangen dat alle gedachten draaien om het gebruiken en verkrijgen van die stof. De mentale verslaving kan de chemische balans binnen de hersenen verstoren en daardoor ook een daadwerkelijke lichamelijke invloed hebben.

Onopgemerkt

Een verslaving die vaak onopgemerkt blijft is die aan medicatie zoals benzodiazepinen, de zogenaamde angstdempers en slaapmiddelen als diazepam, oxazepam en alprazolam. Stilzwijgend worden vaak jarenlang herhalingsrecepten opgehaald totdat de arts ingrijpt of de patiënt niet meer genoeg heeft aan zijn dosis en meer van de huisarts probeert te krijgen of andere wegen gaat zoeken om de verslaving in stand te houden.

Dodelijk

Na een periode van ontwenning, bijvoorbeeld bij een heroïneverslaafde die opgenomen is geweest in een kliniek, is de tolerantie voor het verslavende middel een stuk lager geworden. Als men weer clean is en weer gaat gebruiken, kan een verkeerde inschatting van de benodigde dosis heroïne, dodelijk zijn. Zwaar verslaafden gebruiken doseringen die voor een niet verslaafde zo hoog zijn, dat ze dodelijk of zeer schadelijk kunnen zijn. Hoewel er veel doden vallen ten gevolge van alcoholgebruik, overlijden er jaarlijks nog veel meer mensen aan de gevolgen van roken. Roken is de wijdst verspreide en meest dodelijke verslaving

Middelenafhankelijkheid

Hoewel er in het DSM-IV niet gesproken wordt van verslaving, maar altijd van middelenafhankelijkheid, kan men toch aan de hand van de verschillende criteria een diagnose stellen die overeenkomt met wat men verslaving noemt. Middelenafhankelijkheid wordt gediagnosticeerd als 3 of meer van de volgende symptomen zich tegelijkertijd voordoen binnen 12 maanden:
•Tolerantie treedt op, dat wil zeggen dat er steeds meer van het verslavende middel nodig is om het gewenste effect te bereiken of dat steeds minder effect optreedt bij het gebruik van eenzelfde hoeveelheid van het verslavende middel
•Er treden ontwenningsverschijnselen op, specifiek voor dat middel, of er worden gelijksoortige middelen genomen om de ontwenningsverschijnselen het hoofd te bieden.
•Het middel wordt in steeds grotere hoeveelheden genomen, over een langere tijd dan eigenlijk de bedoeling was.
•Er is de drang om te stoppen met het middel, verschillende (mislukte) pogingen zijn ondernomen om te stoppen, te minderen.
•Veel tijd wordt gestoken in het verkrijgen van het middel en/of het gebruiken van het middel.
•Belangrijke sociale activiteiten, werk en/of vrijetijdsbesteding worden opgegeven of verminderd voor het middelengebruik.
•Ook al weet de persoon dat het middel dat wordt genomen zorgt voor fysieke of psychologische aandoeningen of verslechtering daarvan, hij of zij blijft doorgaan met het gebruik ervan.

Oorzaken

Persoonlijke kenmerken

Een persoon kan door zijn eigenheid op biologisch, psychologisch of genetisch vlak een bepaalde gevoeligheid hebben ontwikkeld voor (problematisch) middelengebruik. Voorbeelden van psychologische factoren zijn een kleinere strafgevoeligheid, verhoogde impulsiviteit – in het bijzonder een snellere delay discounting of ontwaarding van bekrachtigers met de afstand in de tijd, waardoor het denken en reageren op korte termijn de overhand krijgt -, verhoogde experiëntiële vermijding, verminderde inhibitie, …

Omgeving

Middelengebruikers staan bovendien onder invloed van hun directe omgeving, hun familie, school, vrienden… Vooral mensen met een afhankelijke persoonlijkheid worden sneller beïnvloed door hun omgeving. Ook speelt vaak nieuwsgierigheid een grote rol.

Structurele factoren

Ook structurele factoren zoals de woonomgeving, socio-economische invloeden of de beschikbaarheid van middelen op de markt in een bepaalde buurt of in het algemeen kunnen ertoe leiden dat iemand sneller overdadig middelen gaat gebruiken. Ook terugkerende problematiek met het in stand houden van de maatschappelijke functie en zelfstandigheid kan leiden tot hernieuwd middelengebruik.

Culturele factoren

De gemedicaliseerde maatschappij, de reclame voor tabak en alcohol en de eerder tolerante houding tegenover middelengebruik in de werksfeer spelen een rol bij wat men in het algemeen verslaving noemt.

Andere factoren

De afgelopen 3 decennia is steeds meer bekend geworden over de neurobiologie en genetische factoren die een rol spelen bij verslaving. Dit kan met zich meebrengen dat men zich hierachter zou kunnen verschuilen en redeneert: “Ja maar ik heb toch afwijkend functionerende hersenen of een genetische aanleg.” Verslaafden worden hierin ook door medici bevestigd: de verslaving wordt soms op medische gronden in stand gehouden, bijvoorbeeld doordat men methadon voorgeschreven krijgt. Dit soort patronen kan mogelijk doorbroken worden, indien verslaving als een keuze ervaren wordt, vergelijkbaar met het aansteken van sigaretten of het heffen van een glas drank. Om te stoppen is uiteraard een aantal randvoorwaarden van belang. De belangrijkste is wellicht een verandering van omgeving, waarbij voldoende perspectief geboden wordt en waarin men zich een andere levensstijl kan aanmeten, zo nodig ondersteund door psychotherapie en/of verblijf in een beschermde woonvorm.

Wat kan therapie-advies voor u betekenen?

Er zijn veel mogelijkheden om uw verslaving te verminderen. Soms komt u van uw verslaving af. maak nu een afspraak met therapie-advies om uw verslaving aan te pakken.